Wanneer naar logopedie?

Kleine kinderen leren de taal vaak vanzelf. Bij sommige kinderen gaat deze ontwikkeling niet vanzelf. Maar wanneer nou logopedie? Hieronder ziet u een aantal handvaten waar de taal van uw kind aan moet voldoen op een bepaalde leeftijd.

12 tot 18 maanden
Een kind begrijpt opdrachtjes met twee woorden. Hij kan één of meer lichaamsdelen aanwijzen.
Er is sprake van veel en gevarieerd brabbelen met af en te een herkenbaar woord.

18 tot 24 maanden
Zegt  5-10 woorden.

2;0 tot 2;6 jaar
Begrijpt zinnetjes met drie woorden en zegt zinnen van twee woorden. De woordopbouw is nog onvolledig. met 3 woorden (zinsbouw is nog onvolledig)

2;6 tot 3;0 jaar
Zegt  zinnetjes met 3 woorden. De woordopbouw is nog onvolledig.

3;0 tot 3;6 jaar
Een kind zegt zinnen van drie tot vijf woorden, waarvan ongeveer de helft verstaanbaar is.
50-75% is verstaanbaar

3;6 tot 4;0 jaar
Vertelt spontaan wel eens een verhaaltje
50-75% is verstaanbaar

4;0 tot 5;6 jaar
Kan een verhaaltje navertellen aan de hand van plaatjes
Spreekt in enkelvoudige zinnetjes.
Heeft nog problemen met meervoudsvormen en vervoegingen.
75-90% van wat het kind zegt is verstaanbaar

>5;6 jaar
Goed gevormde, ook samengestelde zinnen.
Goed verstaanbaar.



G-MS (Gereviseerde Minimum Spreeknormen)

Wat is een taalstoornis?

Er is sprake van een taalstoornis als een kind moeite heeft met het verwerven van de moedertaal. Dus de eerste taal die het kind leert. Het kan zijn dat kinderenpas erg laat gaan spreken. We spreken dan van een vertraagde taalontwikkeling. Bij andere kinderen verloopt de ontwikkeling anders dan bij de meeste leeftijdsgenootjes. Er zijn kinderen die goed begrijpen wat er gezegd wordt, maar moeite hebben met het verwoorden van hetgeen ze willen vertellen. Dan is er sprake van een gestoorde of afwijkende taalontwikkeling. 

Bij kinderen met taalproblemen wordt onderscheid gemaakt tussen primaire taalontwikkelingsstoornis en secundaire taalontwikkelingsstoornissen.


Primaire taalontwikkelingsstoornis

Bij kinderen met een primaire taalontwikkelingsstoornis zijn er uitsluiten problemen in de taalontwikkeling. Er kan dan geen sprake zijn van een bijkomende stoornis.
De taalproblemen kunnen zicht uiten in verschillende aspecten van taal.

  • Moeite met spreken, woorden verkeerd uitspreken
  • Problemen bij het verwerven en het gebruiken van de klanken van de moedertaal
  • Weinig of verkeerde verbuigingen en vervoegingen van woorden
  • Weinig gebruik van functiewoorden (bv. De, het, een/ die, deze, dat, dit/ maar, sinds, dus, of etc.)
  • Woordvindingsproblemen (kinderen weten het woord wel, maar kunnen er op dat moment niet opkomen)
  • Begripsproblemen
  • Moeilijkheden bij het vertellen en formuleren van bijvoorbeeld zinnen
  • Pragmatische problemen: moeite om een gesprek te volgen, moeite met beurt nemen, van de hak op de tak vertellen
  • Vreemd en oppervlakkig taalgebruik. Het kind gebruikt soms woorden of uitdrukkingen die het zelf niet begrijpt.


Secundaire taalontwikkelingsstoornis

Bij kinderen met een secundaire taalontwikkelingsstoornis verloopt de taalontwikkeling vertraagd of als gevolg van of in combinatie met een ander probleem.


Bijvoorbeeld:

  • een verminderd gehoor
  • algemene ontwikkelingsvertraging
  • als gevolg van omgevingsproblemen
  • een contactstoornis (bv. Autisme)
  • emotionele problemen
  • verstandelijke beperking